Reparatie print Mig compact

Auteur Topic: Reparatie print Mig compact  (gelezen 790 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Offline Bobbes

  • Moderator Board
  • Volledig forum lid
  • ****
  • Berichten: 2123
Reparatie print Mig compact
« Gepost op: 24 mei 2016, 17:10:08 »
Print Mig-Compact.

De print op foto 1 is een veel voorkomend model welke in diverse merken en typen Mig lasmachines toegepast wordt.
De printen zijn degelijk en geven over het algemeen weinig reden tot klagen.
Als we naar het principe van de sturing van de motor kijken dan zien we het volgende:
Op de print wordt een PWM-signaal (pulsbreedte geregeld) opgewekt door het IC met code 555. Deze levert afhankelijk van de stand van de snelheidspotmeter een signaal welke in tijdsduur varieert tussen zeer kort en lang. De spanning is altijd max. maar de tijdsduur is variabel. Doordat de motor altijd de max. spanning krijgt is hij ook krachtig op lage toerentallen. Hierbij het plaatje van de motorspanning bij lage en bij hoge toerentallen. Plaatje 1

Dit pulsbreedte geregelde signaal gaat via V-2 naar de motor. Dit circuit (zie principe schema) is aangegeven in blauw. Als je stopt met lassen wil je dat de motor meteen stil staat omdat anders je lasdraad nog een stuk uit je gascup gaat steken. Dus de motor moet afgeremd worden. Dit kan op verschillende manieren.
De motoren welke gebruikt worden zijn meestal motoren met een bewikkeld anker en een stator bestaande uit magneten. Als je deze motoren mechanisch zou gaan aandrijven dan heb je een dynamo welke spanning levert. Van deze eigenschap wordt gebruik gemaakt om de motor af te remmen. Als je stopt met lassen heeft de motor nog een beetje draaisnelheid. De motor gaat dan spanning leveren. Als je dus de motor gaat belasten dan stopt deze snel. Dit afremmen kan op verschillende manieren. Er zijn printen welke de motor bij het remmen gewoon kortsluiten d.m.v. een relais of en transistor. Dit gaat tamelijk heftig maar zeker effectief. Bij deze print gaat dit via het rode circuit en niet alleen via een transistor (V-1) maar ook via een (rem) weerstand van 0,56 Ohm. Als om de e.e.a. reden de remtransistor defect raakt, hij maakt dan meestal sluiting, dan zal de motor natuurlijk niet meer willen draaien want het remcircuit is actief. Als je toch wil proberen de motor te laten draaien dan loop je het risico dat ook de stuurtransistor V-2 sneuvelt. Dus controleer beide transistors. Omdat de polariteit van de spanning van de motor in de remstand tegengesteld is aan de normale voedingsspanning zijn de twee power transistoren V-1 en V-2 niet van hetzelfde type. Let daarop bij uitwisselen.

Een tweede probleem waar we na vele jaren nu pas tegenaan lopen is veroudering van de kleine transistoren. Er zitten er enkele van op de print o.a. van het type  BC-548.
Dit zijn zeer allerdaagse typen welke slechts enkel dubbeltjes kosten. Toen de transistoren nieuw waren hadden ze een versterkingsfactor van over de 200. Nu na vele jaren gebruik loopt deze versterkingsfactor terug naar soms wel onder de 10. De transistor zal met een unimeter op diodestand gewoon goed meten maar met een transistortester welke ook de versterkingsfactor kan meten valt hij al snel door de mand. Dus in dat geval gewoon vervangen.
Als je het niet met een hamer kan repareren dan is het een electrisch probleem